Elektronisch Praktijkexamen
Het Elektronisch Praktijkexamen doet u op de computer. Tijdens het examen krijgt u praktijksituaties te zien. Bijvoorbeeld van iemand die lid wil worden van de bibliotheek. Of van iemand die praat met zijn chef op het werk. Over deze praktijksituaties krijgt u vragen.
De meeste examens hebben ongeveer 43 vragen. Hieronder ziet u hoeveel procent van de vragen u goed moet beantwoorden om het examen te halen.
| Elektronisch Praktijkexamen | ||
| Profiel | Niveau | Procent van de vragen goed beantwoorden |
|---|---|---|
| Werk | Niveau A1 | 68 procent |
| Werk | Niveau A2 | 73 procent |
| Onderwijs Gezondheid en Opvoeding | Niveau A1 | 66 procent |
| Onderwijs Gezondheid en Opvoeding | Niveau A2 | 70 procent |
| Maatschappelijke Participatie | Niveau A1 | 76 procent |
| Maatschappelijke Participatie | Niveau A2 | 79 procent |
Bij het profiel Ondernemerschap gelden andere percentages. Het Elektronisch Praktijkexamen met het profiel Ondernemerschap is nog een nieuw examen. Daarom wordt dit examens maar 1 keer per maand afgenomen. DUO kijkt of het examen niet te moeilijk of te makkelijk was. Dat gebeurt als alle kandidaten het examen gemaakt hebben. Alle antwoorden worden nog een keer gecontroleerd. Daarna wordt vastgesteld hoeveel procent van de vragen u goed moet hebben om te slagen. U krijgt 60 minuten de tijd om het examen te maken. Op de computer kunt u zien hoe ver u bent.
Twee delen
Het praktijkexamen bestaat uit 2 delen. Het eerste deel zijn vragen die iedereen krijgt. Dit zijn vragen over hoe dingen gaan in Nederland. Voor het tweede deel kunt u kiezen uit 4 onderwerpen. Dat zijn Werk, Maatschappelijke Participatie, Ondernemerschap of Onderwijs, gezondheid en opvoeding. Deze onderwerpen noemen we profielen.Filmpje
Bekijk hieronder het filmpje over het Elektronisch Praktijkexamen.
Vraag en antwoord
In 3 stappen antwoord op je vraag.

